De Heer van de Geschiedenis

18-02-2012

Wie er even tijd voor over heeft zou eens op Google de volgende titel kunnen opzoeken: “Pius XII en de vernietiging van de Joden”. Gedurende bijna 30 google-pagina’s wordt men er geconfronteerd met steeds weer hetzelfde, gelijknamige werk van Dirk Verhofstadt, broer van onze bekende ex- premier, liberaal en antiklerikaal in hart en nieren. Hij pronkt met de titel van “dokter in de moraalwetenschappen”, titel die hij trouwens aan datzelfde werk te danken heeft. Hij is professor in “Media en ethiek” van de RUG en het is waarschijnlijk niet nodig nog te vermelden dat hij een “goede samenwerking” heeft met prof. emeritus Etienne Vermeersch. Zijn boek beslaat 552 pagina’s en is uitgegeven door Houtekiet in 2008.

Gelukkig vindt men tussen de herhaalde aanhalingen van artikels waarin de lofzang van dit zogenaamd “historisch werk” wordt bezongen, ook enkele kritische evaluaties, o.a. van Alfred Denoyelle, doctor in de geschiedenis. Hij toont aan hoe eenzijdig Dirk Verhofstadt historische documenten manipuleert in dienst van zijn antikerkelijke obsessie. Het feit dat deze auteur een doctoraat haalde op basis van een weinig originele compilatie, waarin de grondregels voor objectiviteit en historische authenticiteit herhaaldelijk met de voeten worden getreden, zegt veel over het wetenschappelijk niveau waarop “historisch onderzoek” ten dienste wordt gesteld van bepaalde ideologieën aan sommige van onze universiteiten. De titel van zijn boek verraadt op zich al de bedoeling ervan: het creëren van een associatie tussen een kerkleider (en diens kerk) en de Holocaust. Het is het soort titel dat thuishoort in revolutionaire pamfletten of als krantenkop in de sensatiepers.

Wil men echt de grondoorzaken van de Holocaust begrijpen, zou het logischer zijn om de werken en uitlatingen te bestuderen van hen die deze genocide hebben gepland en uitgevoerd.  Daaruit blijkt duidelijk dat zij de Kerk als een van de voornaamste obstakels beschouwden voor de realisatie van hun plannen. Maar zulke logische en eerlijke aanpak past helemaal niet in de vooropgestelde bedoeling van het “oeuvre” van liberale schrijvers van het slag van deze Verhofstadt. Het is veel interessanter om Vaticaanse en kerkelijke documenten een antisemitische betekenis toe te dichten, en die te mengen met hetgeen nog gemakkelijker in iemands kraam kan passen, namelijk wat NIET gezegd of geschreven is. Men noemt zoiets een argumentatie “ex silentio” en dat wordt in de geschiedkunde terecht niet aanvaard. Volgens die ”methode” kan iemand met enige fantasie gemakkelijk bewijzen dat Albrecht Einstein een antivegetariër was, vermits hij nooit pleitte voor minder vleesgebruik, of dat Julius Caesar met zijn “De Bello Gallico” de eerste pas zette naar de verovering van de ruimte, vermits hij nergens aangaf waar veroveringen moesten stoppen …

De paus heeft gezwegen, wanneer hij volgens dit soort “geschiedschrijvers” MOEST gesproken hebben. Hij beantwoordde volgens hen niet aan de moraalwetenschappelijke normen die vastgelegd werden door de liberale denkers van de RUG, VUB en aanverwanten. Dat het in sommige gevallen iemands plicht kan zijn te zwijgen om erger te voorkomen is een wijsheid die zij negeren of waar zij nog niet aan toe zijn. Zij gebruiken op de keper beschouwd een kinderachtige wijze van redeneren, maar een die wel “professioneel” wordt ondersteund en ten dienste gesteld van een maximale beschadiging van het imago van de Katholieke Kerk. Dit gebeurt met de enthousiaste medewerking van een breed gamma van de pseudo-intellectuele media, waarmee we in Belgenland rijkelijk werden begiftigd, of beter, vergiftigd.

Er bestaan twee soorten geschiedenis: die van de reëel gebeurde feiten en die van de vertelde, verdraaide en uitgevonden feiten. Wij wanen ons niet bevoegd om hier de historische balans op te maken van het leven en het pausdom van Pius XII. In de kerkgeschiedenis hebben zowel moreel hoogstaande figuren als ongure personages de rol van paus vervuld. Over deze van Pius XII  zijn de meningen verdeeld, maar het is duidelijk dat zijn tegenstanders zich overwegend in atheïstische of modernistische kringen bevinden die niet bepaald “neutraal” staan tegenover het kerkelijk instituut. Daarom is het belangrijk dat we ons een gefundeerd oordeel vormen over de mate waarin schrijvers als Dirk Verhofstadt de vereiste objectiviteit in acht nemen bij hun beoordeling van deze oorlogspaus, die enorme verantwoordelijkheden te dragen had in een toestand waarin hij zo goed als gegijzeld was.

De lectuur van de encycliek “Mit brennender Sorge”, die nog voor de wereldoorlog door Eugenio Pacelli, de latere Pius XII, ten behoeve van zijn voorganger werd opgesteld, ontkracht op zich al grotendeels de antipaapse en antikerkelijke beschuldigingen, waarin deze paus de hoofdbeklaagde is. Dirk Verhofstadt verzwijgt of minimaliseert belangrijke documenten die aantonen dat Pius XII zich wel degelijk bekommerde over het lot van de Joden en dat hij een fel tegenstander was van het Nazisme. Een goed voorbeeld van een genegeerd belangrijk getuigenis is dat van de Jood Robert Kempner, die procureur was op de Rechtbank van Neurenberg en die de wijsheid van de houding van Pius XII tijdens het Nazibewind duidelijk aantoonde. Een van de argumenten die het “antisemitisme” van de paus moeten aantonen is dat hij nooit de staat Israël heeft erkend. Er zijn nogal wat diepgelovige Joden die de staat Israël en het ermee samenhangend zionisme absoluut niet genegen zijn. Zijn die dan ook “antisemitisch”? De paus heeft volgens deze “experts in de juiste handelwijze tijdens moeilijke oorlogstoestanden” te weinig geprotesteerd. Dirk Verhofstadt haalt als tegenvoorbeeld de houding aan van kardinaal De Jong van Utrecht die wel klaar en duidelijk protesteerde. Hij vergeet er evenwel bij te vermelden dat het rechtsreeks gevolg van diens stemverheffing en de gezamenlijke herderlijke protestbrief van de Nederlandse bisschoppen de deportatie was, binnen de vijf dagen, van alle Nederlandse katholieken van joodse afstamming. Alle kloosters, waar heel wat Joden zich konden verschuilen, werden toen uitgekamd. Nederland kende het hoogste percentage aan Joden die afgevoerd werden naar de dodenkampen. Maar over deze vreselijke gevolgen hult onze zogenaamde Jodenverdediger en pausbeoordelaar zich in een doods stilzwijgen.

Hierna geven we enkele verwijzingen, o.a. naar Joodse woordvoerders die hun waardering uitspraken over wat deze paus voor hun volks- en geloofsgenoten heeft gedaan in de aller-moeilijkste omstandigheden (*). De reële feiten hebben hun effect in de mentaliteit en het collectief geheugen. In dit geval is dat in de dankbare harten van de nakomelingen en verwanten van de Joden die dankzij de voorzichtige en discrete aanpak van Pius XII aan de dood zijn ontsnapt. De verspreiding van vervalste historische feitelijkheden daarentegen heeft tot doel een nieuw soort collectief geheugen te creëren, in dienst van soms ternauwernood verborgen objectieven.

Op het eerste gezicht zal men denken dat de vervalsers tenslotte aan het langste eind zullen trekken. Het is immers relatief gemakkelijk om iemands woorden en daden verdacht te maken (vooral als hij of zij al een tijd overleden is). Maar gelukkig: zo eenvoudig is het mechanisme van de geschiedenis niet te manipuleren. Wat er op de ene plaats als “historische waarheid” wordt ingepeperd, wordt elders weerlegd. De dwazen die, zoals de marxisten, denken dat ze “de geschiedenis” naar hun hand kunnen zetten, bewijzen alleen dat ze er nog altijd niets van begrepen hebben. Al hun moeite resulteert slechts in effecten op korte termijn. De propagandamachines van Hitler en Goebels, waarmee zij haat en vernieling zaaiden, behoren al een hele tijd tot de vele “faits divers” die het verhaal van de mensheid kleuren. Idem voor de leugens van het communisme en noem maar op. Wat de vervalsers vooral niet kunnen of willen beseffen, is dat er andere krachten dan hun kinderachtige manipulaties aan het werk zijn die het lot van mensen en volkeren bepalen, krachten namelijk van geestelijke aard.

Als christelijke gelovigen hebben we een ontzaglijk geschenk meegekregen: wij werden deelachtig aan Gods plan met deze wereld. Wij vernamen dat zijn manier van werken het kleinmenselijk gemanipuleer gewoon belachelijk maakt. Als een volmaakte schaakgrootmeester zet Hij zijn stukken op het juiste moment op de juiste plaats. Koningen en koninginnen behandelt hij als pionnen en pionnen als koningen. Waar wij, doorsnee stervelingen, denken dat zijn spel verloren is, daar staat Hij op het punt een belangrijke overwinning te behalen. De duivel dacht ten tijde van de Romeinse heerschappij dat hij de touwtjes in handen had. Hij was er zelfs in geslaagd de gewone burgers van dit machtig rijk zover te krijgen dat zij hun vermaak vonden in arena’s, bij het aanschouwen van de strijd op leven en dood tussen hun medemensen. God pakte die verloedering niet aan door een leger te sturen en korte metten te maken met zulke uitwassen. Nee: hij liet zijn eigen Zoon het lot van een verslagen, vernederd en dood gefolterd mensenkind ondergaan. Toen de hemel zwart werd en Gods Zoon de geest gaf, legde Hij de basis voor een nieuwe geschiedenis van de mensheid. Sindsdien is het christendom, de vrucht van zijn prediking, lijden en dood, onstuitbaar in opmars. Elke nieuwe martelaar bracht duizendvoudige vruchten voort.

Zo voltrekt zich de ware mensengeschiedenis, zich afspelend onder de ogen van machtigen en zogenaamd verstandigen, zonder dat zij haar doorzien. Zij menen de geschiedenis met materiële middelen naar hun hand te kunnen zetten, omdat zij blind zijn voor de werken van de Geest. Hun woorden en daden zullen weggevaagd en opgeslokt worden door de tijd. Uiteindelijk zal elk levend en denkend wezen onderworpen worden aan de Geest Gods, die liefde, nederigheid, waarheid, vrede en gerechtigheid brengt. Zover zijn we echter nog lang niet. We leven nog altijd in de fase die de H. Petrus als volgt omschreef: “De ganse Schepping zucht en kreunt in barensweeën” (Rom. 8,22). De reële aard van de interne strijd die woedt binnen het mensdom is ongetwijfeld een geestelijke. Die strijd is nog niet ten einde en zal voorspelbaar nog veel bloed en tranen meebrengen. Hij zal duren totdat Hij, de Mensenzoon, weerkeert. Eens zal Hij alle grootspraak en leugen voorgoed doen verstommen. Dan zal iedere knie zich buigen, niet voor een tijdelijke wereldse heerser, maar voor de Christus, de ware “Heer van de geschiedenis”.

(*) http://users.skynet.be/histcult/Verhof%20NL.htm

http://www.pavethewayfoundation.org

http://www.catholicapologetics.info/apologetics/judaism/dalin.htm

http://news.catholique.org/21169-le-p-gumpel-salue-les-recherches-historiques

http://users.skynet.be/histcult/piedouze.htm

http://www.pie12.com/PIEXII.pdf

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s