Geloof, mythe en werkelijkheid in creationisme en evolutietheorie.

DEEL III: Het jonge aarde creationisme

Voorwoord

In het hiernavolgende zullen we toelichten waarom niet Genesis bij de fabels moet gerekend worden, maar zowel de dogmatische darwinistische visie op de evolutie, als de historisch-letterlijke interpretatie van dit Bijbelboek. We evalueren de wetenschappelijke waarde van de gebruikte argumenten en plaatsen er geen hypothese, theorie of model tegenover, maar eerder een “visie”. Hiermee wordt een totaalbeeld bedoeld waarin wetenschappelijke kennis op een aanvaardbare wijze geïntegreerd wordt in buiten-wetenschappelijke grondwaarheden.

Tijdberekening naar het verleden toe

De Brahmanen van het oude Indië waren ervan overtuigd dat de aarde, evenals de tijd, oneindig is. De oude Chaldeeuwse mythologie leerde dat onze planeet uit de chaos ontstond, ongeveer twee miljoen jaren geleden. Babylonische astrologen schatten dat de mens een vijfhonderdduizend jaren geleden op aarde verscheen. Zarathustra dacht de aarde een twaalfduizend jaar oud was. Tenslotte werd enkele eeuwen terug door vele christenen aanvaard dat onze planeet slechts een zesduizend jaar bestaat. Sindsdien ging het vlug opnieuw in stijgende lijn en momenteel wordt aan de aarde een ouderdom van bijna vijf miljard jaar toegekend en aan het heelal meer dan tien miljard.

Het creationisme draait de klok een beetje terug en aanvaardt enkel een tijdsverloop van maximum enkele tienduizenden jaren en liefst slechts de voormelde zesduizend jaar ongeveer. Het bijt zich dus vast in een overdreven letterlijke interpretatie van de Bijbel. Uitgaande van deze verkeerde vooropstelling raakt het creationisme verzeilt in een straatje van dubieuze bewijsvoeringen en tracht het met alternatieve berekeningen aan te tonen dat de nu algemeen onderwezen geologische tijdschaal fundamenteel verkeerd is. Dit impliceert een collectief geblunder van nooit geziene omvang door de huidige wetenschappelijke wereld.

Laten we op een bondige wijze enkele “argumenten voor een jonge aarde” overlopen die naar voor worden gebracht. We vermelden telkens eerst het argument en beoordelen het dan in een korte commentaar, voorafgegaan door “-Com:”.

Op basis van opmetingen gedurende de laatste 140 jaar heeft men een curve opgemaakt die aantoont dat het aardmagnetisme exponentieel afneemt. Die curve gaat verticaal naar oneindig rond 20.000 BP (voor heden), waaruit wordt afgeleid dat het aardmagnetisch veld, dus ook de aarde, jonger is dan dat.

-Com: Oceaanbodemonderzoek heeft aangetoond dat het aardmagnetisch veld al ettelijke malen van richting is veranderd. De laatste ompoling is dus de werkelijke aanvang van de huidige magnetismecurve, waarvan slechts een minieme periode effectief werd opgemeten. Het gaat over een periode van 140 jaar, die dus bijna honderdvijftig maal kleiner dan de 20.000 jaar waarvan sprake. Dit volstaat hoegenaamd niet om hiermee een “exponentiële” curve” te reconstrueren. Een op- en neergaand verloop van die curve is een veel logischer aanname, want zij komt overeen met de intensiteitsvariaties gemeten op antiek aardewerk.

Het kosmisch stof dat op aarde valt bevat veel nikkel. Voortgaande op de huidige metingen van de instroom van dit stof zou de totale hoeveelheid nikkel dat de oceanen nu bevatten al op 9.000 jaar bereikt zijn.

-Com: Het kosmisch stof valt neer onder de vorm van meteorietkorrels die voor 75% kleiner zijn dan 0,1mm. Zij bestaan vooral uit een mengsel van ijzer, magnesium en nikkel en hebben bijgevolg een groot soortgelijk gewicht zodat zij vlug op de oceaanbodem terechtkomen. Daar verdeelden zij zich in de loop der tijd min of meer gelijkmatig in de lagen veroorzaakt door andere oceaanbezinksels, die een totale dikte hebben bereikt van enkele duizenden meters, volgens seismologische opmetingen. Het kosmisch stof zou op aarde in een tijdsverloop van 4,5 miljard jaar een laag van 56 m dik hebben achtergelaten. Dit betekent een orde van grootte van één honderdste van de oceaansedimenten. Dit percentage schijnt te kloppen, vermits het kosmisch stof goed herkenbaar aanwezig is in de kernen die gedurende de laatste decennia werden opgehaald, via boringen die tot een twintigtal meters diepte in de afzettingen doordrongen. Als men echter slechts 9.000 jaar in rekening brengt, dan zou het kosmisch stof slechts een haast onherkenbaar percentage van één op vijfmiljoen vertegenwoordigen. In plaats van een argument contra heeft men hier dus een sterk argument pro een hoge ouderdom der aarde. Belangrijke vraag hierbij: door wie en hoe werd die zogenaamde “totale hoeveelheid nikkel van de oceanen” opgemeten??

Men voorzag dat op de maan (vermits zij ongeveer dezelfde ouderdom heeft als de aarde) een laag kosmisch stof van tientallen meters dik zou liggen, doch in werkelijkheid vond men er maar een dun laagje stof.

-Com: De meteorieten worden voor het neerkomen op de maan niet tot stof verpulverd, zoals op aarde. Er is immers geen wrijving ten gevolge van het doorlopen van een dampkring en bijgevolg geen verbrokkeling door de verbranding van afgeremde meteorieten (die men op aarde waarneemt als “vallende sterren”). Op de maan maken zij kraters in plaats van zich als “stof” te verspreiden.

Men kan berekenen hoeveel Helium-4 atomen er jaarlijks worden gevormd ten gevolge van het verval van radioactief materiaal in de aardkorst. De tijd die er nodig is om met die productiesnelheid de huidige totale hoeveelheid He-4 in de atmosfeer te bereiken is iets meer dan 11.000 jaar.

-Com: Ook hier rijst de vraag hoe men de totale He-4 in de atmosfeer heeft berekend. Er werd daarbij blijkbaar geen rekening gehouden met het “ion outflaw mechanism”, d.w.z. de lekkage van het uiterst lichte helium uit onze aardse dampkring naar de ruimte.

Op een gelijkaardige wijze worden ouderdomsberekeningen gemaakt door de hoeveelheid van sedimenten of van bepaalde stoffen die zich nu in de oceanen bevinden te delen door wat er jaarlijks naartoe vloeit.

-Com: De bekomen resultaten variëren van 32 miljoen jaar tot 100 jaar, hetgeen op zich al een ruim voldoende aanwijzing is dat de berekeningswijze of de basisgegevens, of allebei, waardeloos zijn.

Men meet de hoeveelheid sedimenten die per jaar naar de oceanen worden afgevoerd en hiermee berekent men de tijd die het zou duren om de continenten ten gevolge van die afvoer tot op zeeniveau af te slijten. Men bekomt op die manier 14 miljoen jaar, hetgeen heel wat minder is dan de 150 miljoen jaren die men als ouderdom aanneemt voor de Juralagen in de Alpen.

-Com: In deze berekening wordt geen rekening gehouden met het feit dat wanneer de hoogte ten gevolge van de erosie daalt, ook de erosiekracht (en de afvoer dus) afneemt (op zeeniveau wordt die kracht ongeveer nul). Ook het feit dat de landhoogtes in de loop der geologische tijden alternerend stegen en daalden, wordt genegeerd. Dit feit is de reden waarom men nu bv. in lagen van het hooggebergte fossielen kan aantreffen van zeedieren. Meer dan 100 miljoen jaren na het Juratijdperk werden de Alpen gevormd door het plooien en omhoog stuwen van de bovenste lagen van de aardkorst (waartussen de laag die in het Juratijdperk was afgezet). Van dan af begon de intensieve erosie van die lagen. De actuele hoogte van het landoppervlak is het tijdelijk eindresultaat van de omhoog stuwende krachten uit de aardmantel, de neerdrukkende zwaartekracht en de erosie ten gevolge van de werking van ijs, water, wind, enz.

Een Britse astronoom concludeerde “waarschijnlijk kan geen enkele komeet met een korte omlooptijd langer bestaan dan ongeveer 10.000 jaar”. Evenzo dus voor andere hemellichamen.

-Com: De hemellichamen van het zonnestelsel, zoals de aarde, bevinden zich in banen rond de zon die tijdens de vorming van ons stelsel een onderlinge evenwichtstoestand hebben bereikt die wiskundig kan bepaald worden. Kometen daarentegen worden ten gevolge van botsingen of ster-ontploffingen lukraak de ruimte in geslingerd en komen daarna eventueel door de aantrekkingskracht in een elliptische baan terecht. Vervolgens kunnen zij na verloop van tijd te pletter storten op een planeet (of geleidelijk inkrimpen door verlies aan materiaal langs hun staart). In een korte baan worden de kansen hiertoe groter, maar zulks geldt helemaal niet voor planeten zoals onze aarde, waarvan de banen sinds lang gestabiliseerd en in onderling evenwicht zijn.

De dateringen op basis van C 14 zijn foutief, vermits zij gebaseerd zijn op de veronderstelling dat er vroeger evenveel C14 in de dampkring was als nu. Volgens creationistische specialisten was er vroeger minder C14 in de lucht, met als gevolg dat de berekeningen te hoge ouderdommen opleveren bij dateringen boven de twee- tot drieduizend jaar. Daarenboven blijkt hieruit dat er nog geen evenwicht is bereikt tussen de continue aanmaak van C 14 in de hogere luchtlagen en het radioactief verval ervan tot gewone koolstof of C 12, alhoewel zulk evenwicht normalerwijze al na 30.000 jaar wordt bereikt. Hieruit volgt dat de atmosfeer jonger is dan dat.

 -Com: Door het koolstof-14-gehalte van de jaarringen van o.a. de Pinus Aristata-bomen (die verscheidene duizenden jaren oud kunnen worden) te meten kan men een curve opstellen die de C 14 percentages weergeven die met elk bepaald jaartal overeenkomen. Het schommelend verloop van die curve wordt in verband gebracht met de cycli van de zonnevlekken en de veranderingen van het aardmagnetisch veld (zie voorgaande). Met die curve worden de afwijkingen gecorrigeerd tot 7.000 BP (voor heden). Voor wat het kleiner percentage aan C 14 in het verleden betreft: dit is het gevolg van het toenemend verbruik van brandstoffen, waardoor steeds meer gewone koolstof in de lucht terecht kwam. De enorme stijging van de industriële activiteit heeft het natuurlijk evenwicht helemaal verstoord en de atoomontploffingen sinds 1944 hebben dit effect zelfs nog versterkt, zodat C 14-dateringen van materialen jonger dan de middeleeuwen zeer onzeker worden. Het argument van het nog niet bereikte evenwicht is ongeldig, vermits het onevenwicht niet van natuurlijke oorsprong is en dus niet kan wijzen op een jonge natuurlijke atmosfeer.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s