Het sacrament van de verzoening, om de doopgenade te laten heropleven

Paus Franciscus. Audiëntie, Rome 13-11-2013 (ZENIT.org).

Vert. Maranatha-gemeenschap

“Ik kan me niet meerdere keren laten dopen, maar ik kan biechten en zo de doopgenade vernieuwen”: zo onderlijnt paus Franciscus de band tussen het doopsacrament en het sacrament van de verzoening die de doop bij de gedoopten laat heropleven.

Paus Franciscus hield de algemene audiëntie op het Sint-Pietersplein in aanwezigheid van tienduizenden bezoekers. Hij vervolgde zijn catechese over het Credo in het kader van het Jaar van het Geloof, met zijn commentaar op het artikel over het doopsel.

Hij nodigde de gedoopten ook uit de datum van hun doopsel op te zoeken en te kennen zodat zij deze tweede verjaardag kunnen vieren!

Dierbare broeders en zusters,

In het « Ik geloof in God” waarmee wij elke zondag ons geloof belijden, zeggen wij: “ik belijd één doopsel tot vergeving van de zonden”. Het is de enige expliciete verwijzing in het Credo naar een sacrament. Het doopsel is inderdaad de deur van het geloof en het christenleven. De verrezen Jezus gaf aan Zijn apostelen deze instructie: “Gaat uit over de hele wereld en verkondigt het evangelie aan heel de schepping. Wie gelooft en gedoopt is, zal gered worden” (Mc 16,15-16). De zending van de Kerk is te evangeliseren en door het doopsacrament zonden te vergeven.

Maar keren we terug naar de woorden van het Credo. Men kan in deze formule drie delen onderscheiden: “ik belijd”, “één doopsel” en “tot vergeving van de zonden”.

1. “Ik belijd”. Wat betekent dit? Het is een plechtig woord dat wijst op het groot belang van het voorwerp, namelijk het doopsel. Door deze woorden uit te spreken, bevestigen wij onze ware identiteit van kinderen Gods. Het doopsel is in zekere zin de identiteitskaart van de christen, zijn geboorteakte. De geboorteakte in de Kerk. U kent allemaal de dag van uw geboorte en u viert uw verjaardag, nietwaar? Wij vieren allemaal onze verjaardag. Ik stel u een vraag, die ik al bij andere gelegenheden gesteld heb, maar ik doe het nog een keer: wie onder u kent de datum van zijn doopsel? Steek de hand op: ze zijn niet talrijk (en ik vraag het niet aan de bisschoppen om hen niet beschaamd te maken …). Maar we gaan iets doen: als u vandaag thuiskomt, zoek dan de datum op van uw doopsel, want dat is onze tweede verjaardag.

Onze eerste verjaardag is de dag van onze geboorte in dit leven en de tweede is die van onze geboorte in de Kerk. Zult u het doen? Het is huiswerk voor als u thuiskomt: de dag opzoeken waarop u in de Kerk geboren bent en dank de Heer want op de dag van ons doopsel heeft Hij voor ons de deur van Zijn Kerk geopend.

Tegelijk is ons geloof in de vergeving van de zonden verbonden met het doopsel. Het sacrament van de biecht is eigenlijk een tweede doopsel dat steeds naar het eerste verwijst om het te bekrachtigen en te vernieuwen. In die zin is de dag van ons doopsel het vertrekpunt van een heel mooie weg, een weg naar God die heel het leven duurt, een weg van bekering die voortdurend ondersteund wordt door het sacrament van de biecht. Denk daar aan: wanneer wij onze zwakheden, onze zonden gaan biechten, gaan wij vergeving vragen aan Jezus, maar met deze vergeving gaan wij ook ons doopsel vernieuwen. Dat is mooi, het is alsof wij bij elke biecht de dag van ons doopsel vieren. Daarom is de biecht geen vertoning in een folterzaal, maar een feest.

De biecht is voor gedoopten! Om het witte kleed zuiver te houden van onze christelijke waardigheid!

2. Het tweede element: “één doopsel”. Deze woorden herinneren aan die van de heilige Paulus: “één Heer, één geloof, één doop” (Ef 4,5). Het woord “doop” betekent letterlijk “onderdompeling”; dit sacrament is trouwens een ware geestelijke onderdompeling in de dood van Christus waaruit men met Hem verrijst als een nieuw schepsel (cf Rom 6,4). Het gaat om een bad van wedergeboorte en verlichting. Wedergeboorte, omdat het deze geboorte uit water en de Geest bewerkt zonder dewelke niemand het Rijk der hemelen kan binnen gaan (cf Joh 3,5). Verlichting, omdat de mens door het doopsel vervuld wordt met de genade van Christus, “het ware licht dat elke mens verlicht” (Joh 1,9) en dat de duisternis van de zonde verdrijft. Daarom geeft men in de doopceremonie een brandende kaars aan de ouders, die naar deze verlichting verwijst; het doopsel verlicht ons van binnen met het licht van Jezus. Door die gave is de christen geroepen zelf licht te worden – het licht van het geloof dat ik ontvangen heb – voor de broeders, vooral voor wie in duisternis zijn en geen enkel schijnsel zien aan de horizont van zijn leven.

Stellen wij ons de vraag: is voor mij het doopsel iets uit het verleden, beperkt tot een datum die u vandaag gaat opzoeken, of is het nu en op ieder moment een levende werkelijkheid? Voelt ge u sterk met de kracht die Christus u geeft door Zijn dood en verrijzenis? Of voelt ge u terneer geslagen, krachteloos?  Het doopsel geeft kracht en licht. Voelt ge u verlicht met dit licht dat van Christus komt? Bent u een man of vrouw van het licht? Of bent u obscuur, zonder het licht van Jezus? Men moet de genade van het doopsel vatten – ze is een geschenk – en licht worden voor de anderen.

3. Tenslotte enkele woorden over het derde element: “tot vergeving van de zonden”. In het doopsacrament worden alle zonden vergeven, de erfzonde en alle persoonlijke zonden, evenals alle straffen die aan de zonde verbonden zijn. Het doopsel opent de deur voor een nieuw reëel leven dat niet onderdrukt wordt door de last van een negatief verleden maar al nu de schoonheid en goedheid smaakt van het Rijk der hemelen. Het is een krachtig ingrijpen van Gods barmhartigheid in ons leven, om ons te redden. Doch deze heilzame ingreep neemt de zwakheid van onze menselijke natuur niet weg – wij zijn allemaal zwak en allemaal zondaars -; hij neemt onze verantwoordelijkheid niet weg om vergiffenis te vragen telkens wij fout doen!

Ik kan me niet meerdere keren laten dopen, maar ik kan biechten en zo de doopgenade vernieuwen. Het is als een tweede doopsel. De Heer Jezus is zo goed dat Hij nooit moe wordt ons te vergeven. Zelfs wanneer de deur die het doopsel voor ons geopend heeft om de Kerk binnen te gaan, opnieuw een beetje dicht gaat omwille van onze zwakheden en zonden, de biecht opent ze opnieuw, precies omdat ze als een tweede doopsel is dat ons alles vergeeft en ons verlicht om verder te gaan met het licht van de Heer. Laten wij zo doorgaan, blij, want het leven moet geleefd worden met de vreugde van Jezus Christus; en dat is een genade van de Heer.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s