Rome

Professor Jérôme Lejeune erkend als eerbiedwaardig

Op donderdag 21 januari 2021 erkende paus Franciscus de heldhaftige deugden van professor Jérôme Lejeune (1926-1994) en verklaarde hem eerbiedwaardig.

Korte samenvatting van zijn werk en professionele carrière

Op veertienjarige leeftijd werd Jérôme Lejeune gepassioneerd door het personage van Dr. Benassis, in de Balzaciaanse roman Le Médecin de campagne: hij wilde plattelandsarts worden, gewijd aan de armen en zieken.

Hij begon zijn studie in Parijs in 1945. Onder leiding van professor Raymond Turpin, een hoogleraar genetica die het Mongolisme onderzocht, verdedigde hij zijn proefschrift voor dokter in de geneeskunde op 15 juni 1951 en kreeg een zeer eervolle vermelding. Raymond Turpin was op zoek naar een assistent en bood deze functie aan Jérôme Lejeune, die enthousiast was om onderzoekswerk over het Mongolisme te kunnen verrichten. Hij hoopte daarmee gezinnen te kunnen ontlasten, maar ook om de zieken te genezen.  Hij vervolgde zijn studie door zich te concentreren op de piste van de chromosomen.

In 1954 werd hij door Frankrijk bij de VN aangesteld als “expert op het gebied van de effecten van atoomstraling in de menselijke genetica” en later werd hij benoemd tot internationaal expert voor Frankrijk in het biologische effect van  atoomstraling.  In 1959 publiceerden Jérôme Lejeune, Marthe Gauthier en Raymond Turpin een verslag als ontdekkers van het syndroom van Down als de oorzaak van het syndroom van Down. Later ontdekte hij, samen met zijn medewerkers, het mechanisme van vele andere chromosomale ziekten, waardoor hij de weg vrijmaakte voor de cytogenetica en de moderne genetica.

In 1968 volgde Jérôme Lejeune professor Turpin op als uitvoerend directeur van het Institut de progénèse. Op 11 augustus 1968 kreeg hij de William Allan Prize, de hoogste eer voor een geneticus. Hij werd lid van de American Academy of Arts and Sciences en ontving de Znanie Prijs in Moskou.  

In 1974 werd Jérôme Lejeune benoemd tot lid van de Pauselijke Academie van Wetenschappen.  Deze Academie, heeft tot doel om de meest vooraanstaande geleerden samen te brengen rond de paus om hem te adviseren. In 1981 werd hij verkozen tot lid van de Franse Academie voor Morele en Politieke Wetenschappen. Twee jaar later werd hij lid van de Académie nationale de médecine en kreeg hij zijn academische zwaard.

Onwrikbare verdediger van het respect voor het menselijk leven

Hij ijvert voor de aanvaarding van trisomie 21, dat toen erg slecht bekeken wordt, en om de negatieve kijk op mensen met het downsyndroom te veranderen. Zijn visie is gebaseerd op zijn rol als arts, die tot doel heeft te genezen, en op zijn geloof, dat leert dat elke persoon wordt geschapen naar het beeld en de gelijkenis van God.

Maar de abortuskwestie begint in heel Europa op te laaien. Jérôme Lejeune is te gast in televisieshows. Zijn interventies leveren hem hartverscheurende brieven van mensen met een handicap vanaf de geboorte, die getuigen dat hun leven rijk en uniek is, evenals brieven van ouders van kinderen met het syndroom van Down, die vertellen over de verbijstering van hun zoon of dochter toen ze zich realiseerden dat men degenen die op hen lijken wilde doden. De duidelijkheid van zijn antwoorden, zijn sereniteit, zijn zelfzekerheid gebaseerd op zijn kennis van zijn patiënten en zijn vaste wil om hen te verdedigen, brengen zijn tegenstanders in verwarring …

Weldra zal hij niet meer worden uitgenodigd en zal het beledigingen regenen. Maar onwrikbaar blijft hij voor allen de “stem van de stemlozen”, die openlijk durft te spreken ter verdediging van kinderen en de waardigheid van het menselijk leven. Op 10 februari 1971 ontvangt hij op een conferentie doodsbedreigingen. Op 5 maart 1971, tijdens een conferentie op de Mutualiteit die hij organiseerde samen met Dr   Chauchard en de vereniging “Laat ze leven” waarvan hij voorzitter is, vallen zijn tegenstanders de deelnemers aan de conferentie aan met ijzeren staven, met vele gewonden tot gevolg waaronder heel wat gehandicapten. Lejeune zet zijn verzet tegen de decriminalisering van abortus voort en wordt in Frankrijk een van de belangrijkste tegenstanders van het desbetreffende wetsvoorstel, dat niettemin door de Nationale Vergadering zal worden aangenomen.

Op een conferentie in de National Institutes of Health (USA) in de jaren 1970, speelt Jérôme Lejeune met de homofonie in het Engels tussen de woorden gezondheid en dood, om duidelijk te maken dat gezondheid en dood niet mogen worden verward: “Dit is een zorginstelling die verandert in een instelling van de dood.” Dezelfde dag schrijft hij aan zijn vrouw: “Vandaag heb ik mijn Nobelprijs voor geneeskunde verloren.” 

In 1982 worden de kredieten voor onderzoek van Jérôme Lejeune afgeschaft. Hij verwerpt niettemin verschillende voorstellen voor werk in buitenlandse laboratoria. Dankzij buitenlandse financiële steun kan Jérôme Lejeune zijn onderzoek reorganiseren. Hij wordt meer en meer gevraagd in de Verenigde Staten om tussen te komen in ethische kwesties met betrekking tot de nieuwe technologieën voor in vitro bevruchting.

In België bereidt het Parlement zich voor om over de abortuswet te stemmen. Koning Boudewijn, die kinderloos bleef, beraadt zich over de houding die hij moet aannemen ten opzichte van deze wet. Hij heeft de plicht om de wet te ondertekenen, maar dit gaat tegen zijn geweten in. In augustus 1989 roept hij de hulp in van Jerome Lejeune, om hem voor te lichten over het te nemen besluit. Een paar dagen later wordt koning Boudewijn voor 24 uren in de onmogelijkheid verklaard om te regeren, zodat hij de wet die zijn geweten schendt niet moet ondertekenen.  

In 1994 wordt Jérôme Lejeune de eerste voorzitter van de Pauselijke Academie voor het Leven, datzelfde jaar opgericht door Johannes Paulus II.

Zijn laatste dagen

In 1993 ontdekt men dat hij lijdt aan een longkanker die hem fataal zal worden. Op Goede Vrijdag van 1994 antwoordt hij aan zijn kinderen die hem vragen wat hij aan zijn zieke kleintjes wil nalaten: “Ik heb niet veel… Dus gaf ik ze mijn leven. En mijn leven is alles wat ik had.” Daarna fluistert hij bewogen: “O mijn God! Ik was degene die hen moest genezen en ik vertrek zonder gevonden te hebben … Wat zal er van hen geworden?” Op Paaszondag, rond zeven uur, geeft hij de geest. Buiten luiden de eerste klokken: het is de dag van de opstanding, de dag van het Leven dat nooit eindigt.

Op 4 april schrijft paus Johannes Paulus II aan kardinaal Lustiger: “Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, zelfs al is hij gestorven.” (Joh. 11,25) Deze woorden van Christus komen ons voor de geest, nu we geconfronteerd worden met de dood van professor Jerome Lejeune. Als de Vader des Hemels hem op de dag zelf van De Opstanding van Christus uit deze wereld tot zich heeft geroepen, dan is het moeilijk om dit toeval niet als een teken te zien. […] Vandaag worden we geconfronteerd met de dood van een grote christen van de twintigste eeuw, van een man voor wie de verdediging van het leven een apostolaat is geworden. Het is duidelijk dat in de huidige situatie van de wereld deze vorm van lekenapostolaat bijzonder noodzakelijk is… ».

Het heiligverklaringsproces van Jérôme Lejeune werd op 28 juni 2007 in Parijs geopend door monseigneur Jérôme Beau, op verzoek van de aartsbisschop van Parijs, Mgr. André Vingt-Trois.

Bronnen :

https://emmanuel.info/jerome-lejeune-un-savant-au-service-despetits-iev/

https://fr.aleteia.org/2021/01/21/le-professeur-jerome-lejeune-reconnu-venerable/

https://fr.wikipedia.org/wiki/Jérôme_Lejeune

Zie ook: ons artikel over Jérôme Lejeune in onze rubriek « Ethiek ».

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s