Rome

Vier pausen geestelijk verenigd in Rome

Zondag 27 april 2014 zal voortaan in de Kerkgeschiedenis herinnerd worden als de dag van een unieke merkwaardige gebeurtenis: twee levende pausen die samen de heiligverklaringen vieren van twee van hun voorgangers, waarvan er één afgesloten werd in een recordtijd: slechts negen jaren na zijn overlijden.

De nieuwe heiligen: Johannes XXIII en Johannes-Paulus II

Het pausschap biedt geen garantie voor een heiligverklaring. Slechts iets meer dan zeventig pausen op een actueel totaal van 266 werden tot de eer der altaren verheven. Een groot deel hiervan situeert zich in de eerste eeuwen van het christendom; nadien werd het percentage van heilig verklaarde pausen steeds schaarser. Na de heiligverklaring van Pius X in 1954 zijn Johannes XXIII en Johannes Paulus II de enige pausen die in de laatste eeuw die eer te beurt vielen.

Sommigen zien in deze dubbele heiligverklaring een politiek manoeuvre om de eenheid binnen de Kerk te bevorderen. De H. Johannes XXIII zou er dan zijn voor de progressieven en de H. Johannes Paulus II voor de behoudsgezinden. Dat is een zeer karikaturale voorstelling van zaken. Ten eerste is een heiligverklaring een heel ernstige kerkelijke aangelegenheid die zich stoelt op een uiterst grondig voorafgaand onderzoek, bevestigd door minstens twee mirakelen. Ten tweede zou het stilaan moeten geweten zijn dat een paus per definitie “behoudsgezind” is: het is immers zijn fundamentele taak om de geloofsschat van het christendom intact te behouden en door te geven. Beide nieuwe heiligen hebben deze taak op hun manier gewetensvol volbracht. De vernieuwingen die ze allebei in de Kerk introduceerden hebben niets verloren laten gaan van de geloofsschat, maar wel de wijze aangepast waarop hij wordt uitgedrukt en beleefd in een veranderende samenleving.

In het geval van Johannes XXIII heeft Paus Franciscus een uitzondering gemaakt, vermits er van hem slechts één mirakel erkend is. Koren op de molen van al wie binnen of buiten de Kerk met het progressief antiklerikaal virus is besmet. De onvermijdelijke professor Torfs, die blijkbaar de status heeft verworven van officiële kerkcommentator voor de VRT, denkt er het zijne van. Hij kent precies de geheime bedoelingen van Paus Franciscus en in zijn commentaar op de website van de VRT legt hij die haarfijn uit.

Met de Poolse nieuwe heilige loopt hij niet hoog op. Volgens hem is zijn heiligverklaring vooral een politieke zet om hem definitief tot de geschiedenis te laten behoren. Het is immers “een publiek geheim” – aldus onze illustere kerkspecialist – dat zijn erfenis vandaag minder positief wordt ingeschat dan negen jaar geleden. Hiermee geeft hij nog maar eens uiting aan zijn persoonlijke kerkpolitieke wensdromen. De internationale commentaren, gestaafd door de aanwezigheid van het groot aantal gelovigen op het Sint Pietersplein en door de ontelbaren over heel de wereld die deze merkwaardige gebeurtenis thuis, in bioscopen en op grootschalige vieringen soms heel intens hebben meebeleefd, spreken een heel ander taal: deze van blijdschap en fierheid.

Gevangen in zijn progressieve tunnelvisie beweert prof. Torfs dat Johannes Paulus II “de kerk nodeloos verder vervreemdde van de moderne wereld, een kerk die het instituut vaak boven de mens stelde, en ethiek –soms onbedoeld- vaak verengde tot micromoraal op seksueel gebied”. Ofwel was hij die zondagmorgen niet wakker genoeg om het grote aantal jongeren te zien die enthousiast naar Rome waren getrokken, om de paus te eren die hen de Wereldjongerendagen had geschonken. Ofwel leeft hij in de waan dat zijn eigen denkwereld de norm is van wat als “modern” kan beschouwd worden.

Over de andere nieuwe heilige dan weer niets dan lof, alhoewel diens heiligverklaring op de keper beschouwd, gemakkelijker als een “kerkpolitiek manoeuvre” kan beschouwd worden, gezien de afwijkende persoonlijke beslissing van paus Franciscus i.v. met het benodigde tweede mirakel. Hij was immers volgens Torfs een “vernieuwer”: de man van het concilie. “Over dat concilie verloren de topfiguren van de Romeinse curie vlug de controle. Nieuwe ideeën baanden hun weg, waarbij Leuvense theologen een eersterangs rol speelden”, zo schrijft hij. Met dit zoveelste staaltje van Leuvense zelfgenoegzaamheid verliest hij volkomen uit het oog dat de door hem verguisde Poolse paus, evenals diens opvolger, Benedictus XVI, een wezenlijke sleutelrol hebben gespeeld in datzelfde vernieuwend concilie, dat zelfs niet meer door Johannes XXIII voor diens levenseinde kon worden afgesloten. Selectief geheugenverlies van een wat ouder wordende professor?

Het was daarenboven Johannes-Paulus II (die met zijn pauselijke naamkeuze hulde bracht aan zijn voorgangers!) die zijn huidige medeheilige zelf heeft zalig verklaard. Dit weerhoudt de huidige Leuvense rector er niet van te beweren: “Johannes XXIII is dan weer een heel ander figuur. Hij is zowat het spiegelbeeld van Johannes-Paulus II en neutraliseert diens heiligverklaring daarom volkomen”. Als dit waar zou zijn, dan bevestigt dit enkel de waarheidlievende heiligheid van de Poolse Paus, vermits hij in staat bleek om alle eer te geven aan zijn zogenaamde tegenpool. Maar, zoals we voorheen al meermaals hebben vastgesteld, hanteert dit icoon van de Vlaamse kerkelijke progressiviteit een heel eenzijdige en allesbehalve katholieke logica. Dat blijkt ook uit de aanvang van zijn artikel, waarin hij stelt: “Wie bewust heiligheid nastreeft, is geen heilige maar een carrièrist”. Hopelijk voor hem heeft hij het zo niet bedoeld, want daarmee zet de heer Torfs ieder die Christus bewust en consequent wil navolgen voor schut.

Van wezenlijk belang in de beoordeling van de draagwijdte van deze historische gebeurtenis is een goed besef van wat “heiligheid” is. Dit is de toestand van de mens die volledig beantwoordt aan de opdracht van Christus: “Wees volmaakt, zoals uw Goddelijke Vader volmaakt is”. Dit betekent niet dat een kerkelijk erkende heilige gedurende zijn/haar hele leven volmaakt is geweest, maar dat hij de volmaaktheid consequent heeft nagestreefd, wat Torfs en Co daar ook mogen van denken. Hij of zij heeft daartoe veel gebeden en zijn of haar kelk “tot op de bodem geledigd”. Wie heeft hiervan in onze huidige tijd een mooier voorbeeld aan de wereld geschonken dan de Pool Karol Józef Wojtyła? Dat voorbeeld is rotsvast in het geheugen gegrift van de vele gelovigen die hem hebben ontmoet of aan het werk gezien en die hem bij leven al als een heilige beschouwden.

Laten we ons niet van de wijs brengen door deze typerende attitude van een coryfee van onze “intellectuele elite”. De verering van een heilige die men in zekere mate “persoonlijk” heeft gekend, is gevoelsmatig van een heel ander gehalte als die van een kalenderheilige die men slechts onrechtstreeks kent via verhalen uit een ver verleden. Als men terugdenkt aan  de Heilige Johannes XXIII zal voor velen automatisch het beeld voor ogen komen van zijn gulle glimlach en goedhartigheid. Johannes-Paulus is dan weer voor hen die hem gekend hebben, de charismatische man van het intens gebed en het rotsvast geloof, die met zijn fonkelende ogen en zijn gloedvolle welluidende stem de massa’s opriep tot een leven in en voor Christus, onder de hoede van zijn moeder Maria. Laten we voor deze beide grote voorbeelden de Heer blijvend danken, zonder beschuldigende bijgedachten of verdachtmakingen, waarmee men kan scoren in kringen van de mondaine betweterij, maar die een ware christen onwaardig zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s